Na een lekker ontbijt, waarbij we ondanks dat we in een B&B in the middle of nowhere zaten toch weer twee Nederlandse stellen troffen, rijden we naar de Costa Paradiso, iets compleet anders dan de hagelwitte stranden. Nee, hier een ruige kust, die wel weer schitterend is. Het weer slaat ietsjes om hier, iets meer wind en bewolking, en dat betekent ook dat de zee schuimkoppen vertoond. Na de Costa Paradiso rijden we naar Santa Teresa, waar we morgen overnachten. We doen alvast een kleine voorverkenning en lunchen vlakbij waar we ook de auto hebben gewassen. Dat kon namelijk inclusief parkeren, handig in een (elke) Italiaanse stad. De volgende etappe brengt ons naar Porto Cervo waar we kameraad Henk treffen, die tegelijkertijd in deze hoek van Sardinië verblijft. Na een uurtje bijpraten gaan wij richting Olbia. Terwijl Henk verteld dat op een vakantie op Corsica de everzwijnen bij de auto kwamen hebben wij er één die vijf meter voor de auto de weg oversteekt zo’n 3 kilometer buiten Porto Cervo. Let wel, een drukke 70-kilometer weg. Aangekomen in Olbia brengen we de koffers naar het appartement en leveren daarna de huurauto weer af op de luchthaven van Olbia. Met de bus in een kwartiertje weer terug naar het appartement en daar besluiten we een Afrikaans restaurant vlakbij te bezoeken. Een hele goede keuze.
Video van de dag:
























































































